Tekstvak:  Financieel OnderzoeksBureau Apeldoorn

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Rechercheur stopte bij de Fiod, begon voor zichzelf, en bracht al 50 miljoen euro zwart geld naar Nederland

‘Zwart geld kan een grote last zijn’

INTERVIEW, Van onze verslaggevers Marc van den Eerenbeemt, Merijn Rengers
gepubliceerd op 04 januari 2007

HEERUGOWAARD - Oud-Fiod rechercheur helpt met het witten van zwart geld.

Fiscaal rechercheur Ton Apeldoorn (59) ging in 2005 met vervroegd pensioen bij de Fiod – de fiscale opsporingsdienst – en begon thuis een belastingkantoortje. Daar adviseert hij de mensen op wie hij vroeger jacht maakte. Hij geeft ze adviezen over het witten van zwart, in het buitenland gestald spaargeld.

Zijn eenmanszaak, het Financieel Onderzoeksbureau Apeldoorn (FOBA), en zijn website www.inkeer.nl zijn een schot in de roos: in anderhalf jaar begeleidde Apeldoorn meer dan 50 miljoen euro terug naar Nederland. Het leverde de schatkist 10 miljoen euro op, en Apeldoorn tientallen tevreden klanten. Enkele oud-collega’s zijn minder tevreden. Ze vinden dat de oud-rechercheur heult met de vijand door belastingontduikers te helpen schoon schip te maken.

Wie kloppen bij u aan?

‘Mijn klanten willen af van hun zwarte geld. Ze zijn uitgekeken op de nummerrekening in Zwitserland of het zwarte spaargeld van pa in Luxemburg. Dat geld hebben ze geërfd, of in hun wilde jaren met de auto naar het buitenland gereden om het daar te storten. Nu knaagt het, ze zijn bang, of hebben ze het geld nodig. Gewoon, op hun bankrekening, en niet in bankbiljetten onder hun matras.’

Wat kunt u voor ze doen?

‘Ik help ze met de zogenaamde inkeerregeling. Die ken ik goed omdat ik in 2002 aan de wieg er van heb gestaan. De regeling is simpel: wie zijn zwarte geld vrijwillig meldt bij de Belastingdienst, hoeft geen boetes te betalen. Ook stelt de fiscus in principe geen strafrechterlijk onderzoek in naar de herkomst van het geld. Er volgt wel een naheffing, maar die is veel voordeliger dan wanneer je met zwart geld wordt gepakt.’

Waar is dat geld nu?

‘Het staat vooral op bankrekeningen in landen met een strikt bankgeheim zoals in Zwitserland, België of Luxemburg. Die hebben zich altijd verzet tegen het uitwisselen van gegevens over hun klanten, zoals de andere Europese landen wel doen. Het compromis is dat deze landen bronbelasting heffen over de rente op het spaargeld bij hun banken. De namen van de rekeninghouders hoeven zij voorlopig niet prijs te geven.

‘Aan de hand van wat Nederland aan bronbelasting binnenkrijgt, kun je vrij precies uitrekenen wat Nederlanders zwart in het buitenland hebben weggezet. Ik kom op zeker 27 miljard euro, waarvan ongeveer driekwart in aandelen is belegd en een kwart op spaarrekeningen staat. Het meeste zwarte geld staat bij banken in Luxemburg, gevolgd door België en Zwitserland.’

Waarom de inkeerregeling?

‘In 2001 kreeg ik als Fiod-man de namen, banksaldi en rekeningnummers van ongeveer tienduizend Nederlanders die zwart bankierden bij de KB Luxbank in Luxemburg in handen. Dat was een schat aan informatie. We zijn toen achter deze mensen aangegaan – het ging om zwart geld en grote bedragen. Tegelijkertijd hebben we een regeling in elkaar gezet die vriendelijk en makkelijk is voor alle zwartspaarders die we niet kenden. Met succes: het opsporen van zwart geld is duur, maar de inkeerregeling levert Nederland juist geld op.’

Helpt het klanten dat u de regeling bedacht hebt?

‘Financieel gezien niet. Ik kan de tarieven niet veranderen. Hoogstens kan ik klanten aanraden te wachten tot 1 januari met de stap naar de Belastingdienst. Dat kan veel geld schelen.

‘Toch zijn er voordelen. Ik kan bijvoorbeeld zonder consequenties uitrekenen hoe hoog de naheffing uitvalt. Bij de fiscus kan dat niet. Als je daar eenmaal binnen bent, moet je ook afrekenen. Verder vinden mijn klanten het prettig dat ik de communicatie met de fiscus verzorg. Zij zijn vaak bang voor de Belastingdienst.

‘Zwart geld kan een grote last zijn. Ik heb klanten die elke keer als thuis de bel gaat, denken dat de Fiod op de stoep staat. Diezelfde mensen parkeren hun auto een kilometer verderop en lopen dan naar mijn kantoor, omdat ze bang zijn dat ze worden geschaduwd.’

En in morele zin?

‘Ik vind dat het deugt. Je kunt natuurlijk zeggen: we moeten het zwarte geld niet accepteren, maar dan blijft het lekker staan in Zwitserland. Nu wordt er afgerekend als het geld naar Nederland komt. Het vermogen valt vanaf dat moment in box 3. Er wordt dus jaarlijks 1,2 procent rendementsheffing betaald. Jaar in, jaar uit.’

U hebt vast nog veel vrienden bij de Fiod.

‘De bejegening door oud-collega’s is heel verschillend. In een belastingkrantje schreef een oud-collega dat het absoluut ontoelaatbaar was dat een oud-Fiod-ambtenaar zich hiermee inliet. Maar ik heb in anderhalf jaar tijd bijna bijna vijftig mensen geholpen en 50 miljoen euro naar huis gebracht. Dat leverde de schatkist 10 miljoen euro op. Ik heb van leiding van de Fiod geen bedankje gehad.’

Wat voor mensen zijn dat, zwartspaarders?

‘Bij de Belastingdienst gaan ze ervan uit dat er tussen de honderd- en tweehonderdduizend mensen tegoeden hebben in het buitenland waar de fiscus niets van weet. Criminelen maken daarvan slechts een klein deel uit. Mijn klanten zijn middenstanders en ondernemers. Mensen uit de bouw, de aannemerij en de horeca, maar ook een fietsenmaker die zijn omzet afroomde en contant naar Zwitserland heeft gebracht.’

Wie was uw beste klant tot nu toe?

‘Mijn grootste klant, een oud-bankdirecteur, had 4,5 miljoen euro in Zwitserland staan. Dat had hij verdiend door met voorkennis te handelen in aandelen. We hebben samen het sommetje gemaakt. Als hij ruim 500 duizend euro betaalde aan de fiscus, kon hij de andere 4 miljoen wit in Nederland bijschrijven. Goede deal. Een rekening aanhouden in Zwitserland is duurder dan in Nederland en de rentevergoeding is er bovendien lager.

‘Maar het doorslaggevende argument was dat hij eindelijk zijn familie kon vertellen over het zwarte geld. Dat argument hoor ik vaker. Een zwarte erfenis kan voor veel ellende zorgen, zeker als er meer erfgenamen zijn. Dan wil de een het in Zwitserland laten staan, terwijl de ander het geld in Nederland wil aanmelden omdat die er een huis van wil kopen. Dat zijn familievetes in de dop.’

En de grote vissen?

‘De criminelen met miljoenen op de bank melden zich niet. Uit mijn Fiod-tijd weet ik dat hun zwarte geld sowieso nauwelijks te traceren is. De fiscus pakt vooral de kleine man en dus ook de kleine zwartspaarder. Dat kon je zien in de KB Lux-affaire. De grote klanten hadden nummerrekeningen bij die bank met miljoenen. Tot op de dag van vandaag weet ik niet van wie dat geld is.’