De inkeerder

‘Er is een grote last van onze schouders gevallen’

Van onze redacteur

 

 

Ruim 30 jaar smokkelde Gijs van Oudheusden en zijn vrouw contant geld heen en weer tussen Nederland, Oostenrijk en Zwitserland. Twee jaar geleden besloten zij zich te melden bij de Belastingdienst om het zwarte geld te witten. Een gesprek met een inkeerder.

 

Tekstvak: ‘De zenuwen kregen mijn vrouw en ik er van. Zo’n buitenlandse rekening zorgt voor heel veel spanningen. Elke keer de grens over en die controles. Het lijkt wel of ze het ruiken, die douanejongens. Dat zal wel psychisch zijn. Het was een drama. We zijn zelfs een keer gefouilleerd, maar dat liep gelukkig net goed af. Ik bewaarde het geld ineen speciaal gemaakt hemd met binnenzakjes. De keer dat we werden aangehouden, had ik alleen wat papiergeld in mijn kontzak. Maar dat was zo weinig dat we verder mochten.’

‘Twee jaar geleden, toen ik zestig werd, hebben we samen besloten om het geld naar Nederland te halen. Om hoeveel geld het ging, vertel ik liever niet. Dat levert alleen maar ellende op. Dan gaan ze wroeten en dat wil ik niet. Laten we het houden op een paar honderdduizend. Zwart geld dat ik verdiende in de ambulante handel en waarover je in Nederland veel te veel belasting moest betalen. Dertig jaar lang brachten we het in plukjes naar het buitenland. Eerst naar Oostenrijk, maar toen dat land lid werd van de Europese Unie hebben we het overgebracht naar Zwitserland. Het Oostenrijkse bankgeheim ging er aan en Zwitserland zit niet de Europese Unie. Dus daar was het veilig.’

‘Ik zat bij eerst Credit Suisse. Daar kreeg ik elke keer een andere contactpersoon, maar op een gegevenmoment klikte het met zo’n jongen en die vertrouwde ik. Toen die weg ging bij Credit Suisse en verhuisde naar UBS zijn wij meegegaan. We kwamen uiteindelijk uit bij Julius Bär (een Zwitserse bank voor vermogende particulieren, red).’ ‘Het beheer ervan leverde maar weinig op. Lekker uitmelken was er niet bij. Met de opbrengst kun je ook niet zoveel doen. Een keertje goed eten en drinken, grote bedragen kun je niet uitgeven. Dat is te opzichtig. In wezen schiet je er niets mee op.’ ‘Achteraf had ik er nooit van mijn leven aan moeten beginnen. Maar ja, ik had geen goede accountant, alleen een simpel boekhoudertje. Als ik toen andere adviezen had gekregen, was het misschien niet zo gegaan.’ ‘We hadden een advertentie uit de krant bewaard waarin Ton Apeldoorn zijn diensten aanbood aan mensen die hun geld wilden terughalen. Bij de eerste afspraak met hem heb ik mijn auto wel een paar straten verderop geparkeerd. Je weet maar nooit. Je bent toch bang dat je gepakt wordt. Na een eerste oriënterend gesprek zijn wij met hem in zee gegaan. Hij is een perfect contact, heeft veel mensenkennis en heeft de zaak keurig geregeld.’ ‘We hadden natuurlijk ook naar zo’n advocaat kunnen gaan. Maar dan moet je het

 

Om privacyredenen is de naam Gijs van Oudheusden gefingeerd.

 

 

‘Elke keer de grens over en die controles. Het lijkt wel of ze het geld ruiken, die douanejongens’

‘Achteraf had ik er noot van mijn leven aan moeten beginnen. Maar ja, ik had geen goede accountant’

Zwart spaargeld. Inkeerders hebben genoeg van de angst omgepakt te worden.

 

Inkeerders regeling

Feiten op een rij

200

medewerkers van de Belastingdienst zijn ingezet op de aanpak van zwartspaarders

150 mrd

euro lopen westerse landen als de VS, Frankrijk en Nederland mis door mensen die hun geld uit het zicht van de fiscus op een buitenlandse bankrekening zetten

15%

boete wordt vanaf 1 januari 2010 geheven over vermogen dat langer dan twee jaar in het buitenland staat

60+

Volgens deskundigen is driekwart van de inkeerders boven de zestig jaar

72%

Tot 1990 was het hoogste belastingtarief in Nederland nog 72%. Vooral dit hoge toptarief zorgde voor een belastingvlucht

5500

mensen zijn dit jaar tot inkeer gekomen en hebben alsnog hun vermogen opgegeven bij de Belastingdienst

1,5 mrd

euro aan buitenlands vermogen is dit jaar alsnog aangemeld. Vorig jaar waren er gemiddeld twee inkeerders per dag